Marcus

Het evangelie volgens Marcus bestaat uit een verhaal over Jezus’ optreden in Galilea en elders (Marcus 1:1-10:31), de reis naar Jeruzalem (Marcus 10:32-52) en Jezus’ optreden en dood in Jeruzalem (Marcus 11:1-16:8). Het evangelie is geschreven vanuit de overtuiging dat de gekruisigde Jezus is opgewekt en verschenen aan zijn leerlingen (Marcus 16:6-7). Uit de manier waarop Marcus zijn verhaal over Jezus vertelt, worden verschillende zaken duidelijk. In de eerste plaats kende hij over Jezus’ optreden in Galilea en omstreken waarschijnlijk diverse verhalen en tradities die hij in zijn evangelie heeft opgenomen. Maar het nieuwe verhaal dat zo ontstaat kent geen duidelijk tijdsverloop. Het zijn allemaal losse episoden (zie onder meer Marcus 2:1, 2:13, 2:15, 2:18, 2:23; 3:1, 3:20; 4:1, 4:10, 4:35; 6:1, 6:6, 6:45; 8:1, 8:27; 10:1). In de tweede plaats: het verhaal over Jezus’ optreden in Jeruzalem heeft juist een heel duidelijk en precies tijdsverloop. Dit deel van het verhaal beslaat slechts enkele dagen (zie Marcus 11:12; 11:20; 14:1; 14:12).

Zie verder: Relatie tussen de synoptische evangeliën en De veronderstelde bron Q.