Taal en stijl van het Nieuwe Testament

De boeken van het Nieuwe Testament zijn allemaal aan te merken als proza. In dit opzicht verschilt het Nieuwe Testament van het Oude Testament en de deuterocanonieke boeken. Dáár treffen we naast prozaboeken ook poëtische boeken aan. De boeken van het Nieuwe Testament zijn in proza geschreven. Alleen treffen we hier en daar poëtische fragmenten aan. Meestal gaat het om citaten uit het Oude Testament, uit de Psalmen of uit een van de profetenboeken. Maar een enkele keer betreft het ‘nieuwtestamentische poëzie’: de lofzang van Maria in Lucas 1:46-55, de profetie van Zacharias in Lucas 1:68-79 en de zogenaamde Christus-hymne in Kolossenzen 1:15-20. Deze stukken tekst zijn in De Nieuwe Bijbelvertaling als poëzie weergegeven. De taal van het Nieuwe Testament is Grieks. Maar het is geen klassiek Grieks. De taal van het Nieuwe Testament is het Hellenistisch Grieks (ook het koine Grieks genoemd). Het taalgebruik van het Nieuwe Testament ligt dicht bij de omgangstaal.