De Bijbel bestaat uit twee delen»: het Oude Testament en het Nieuwe Testament. Beide delen bestaan uit een aantal verschillende boeken. De boeken van het Oude Testament zijn ontstaan in de eeuwen vóór het begin van onze jaartelling. De boeken van het Nieuwe Testament zijn geschreven tussen 50 en 150 n.Chr. In de protestantse traditie telt de Bijbel in totaal 66 boeken; in de katholieke traditie 73 boeken.
De boeken van de Bijbel zijn van oorsprong geschreven in oude talen: het Hebreeuws, het Aramees en het Grieks.
Er zijn verschillende Nederlandse vertalingen van de Bijbel verkrijgbaar. Een van die vertalingen is De Nieuwe Bijbelvertaling. In de moderne vertalingen zijn alle bijbelboeken ingedeeld in hoofdstukken en in verzen. Daardoor is het mogelijk om exact naar bijbelteksten te verwijzen. Genesis 17:12 betekent bijvoorbeeld: het twaalfde vers van hoofdstuk 17 van het boek Genesis.