Het woord apocrief komt van het Griekse woord apokrufos wat ‘verborgen’ betekent. Oorspronkelijk werden met de benaming ‘apocriefe boeken’ díe boeken aangeduid waarvan de inhoud alleen voor ingewijden bestemd was, in tegenstelling tot de (bijbelse) boeken die voor iedereen bedoeld waren. De apocriefe boeken zouden geheime kennis bevatten, niet bestemd voor de massa, alleen voor de wijzen. Van oorsprong was de aanduiding ‘apocriefe boeken’ een positieve aanduiding. Dat blijkt uit het verhaal van 4 Ezra 14». Later werd de term apocrief gebruikt om die boeken aan te duiden die niet tot de canon (zie de rubriek Canon) behoorden. Apocrief werd zo een tegenstelling van canoniek. De protestants-christelijke traditie volgt voor de canon van het Oude Testament de boeken van de Hebreeuwse Bijbel. Voor de boeken die alleen in de Septuaginta te vinden zijn, werd de term ‘apocrief’ gebruikt. Deze boeken, zoals Judit, 1 en 2 Makkabeeën en Sirach, kregen niet de canonieke status van gezaghebbende boeken, maar werden wel gekwalificeerd als ‘nuttig om te lezen’. Binnen de katholieke traditie gelden de meeste» van deze boeken als deuterocanonieke boeken.
|
Apocriefe boeken
|
4 Ezra 14Het geschrift 4 Ezra is een Latijnse tekst uit de eerste eeuw van onze jaartelling. Dit geschrift vertelt de fictieve belevenissen van de bijbelse figuur Ezra. Het boek bevat ook een episode over de ‘apocriefe boeken’, 4 Ezra 14. In dit hoofdstuk beklaagt Ezra zich bij God dat de Wet van God verbrand is en dat de mensen nu niet meer weten wat God in het verleden gedaan heeft en wat hij in de toekomst zal gaan doen. God draagt Ezra op om zich samen met vijf schrijvers en een grote hoeveelheid schrijftabletten gedurende veertig dagen terug te trekken. Dan zal God hem de heilige boeken dicteren. Tijdens deze periode van veertig dagen noteren de vijf schrijvers 94 boeken. Als het werk voltooid is, geeft God Ezra de volgende opdracht: de 24 boeken die het eerst opgeschreven zijn, moeten algemeen bekend worden gemaakt, zodat iedereen ze kan lezen. Maar de 70 overige boeken, moeten apart gehouden worden. Deze boeken zijn bestemd voor een beperkte groep lezers: de wijzen van Ezra’s volk. In deze boeken, die in het geheim aan de wijzen ter inzage gegeven moeten worden, ligt een schat van wijsheid verborgen. De (fictieve) voorstelling van 4 Ezra 14 is, dat de ‘gewone boeken’ van de Hebreeuwse Bijbel – de 24 boeken die voor iedereen bedoeld zijn – door Ezra en zijn vijf schrijvers werden opgetekend. (Deze boeken, zoals de ‘Wet van God’ hadden ooit bestaan maar de originelen waren verloren gegaan.) Behalve de 24 boeken voor iedereen, noteerden de vijf schrijvers ook 70 boeken alleen bestemd voor de wijzen van Israël. In de (fictieve) voorstelling van het boek 4 Ezra, is 4 Ezra zelf ook één van die zogenaamde apocriefe boeken. Volgens 4 Ezra 14 zijn de apocriefe boeken – de verborgen boeken – superieur aan de voor iedereen bestemde boeken! De meesteOok binnen de katholieke traditie zijn verschillende boeken als ‘apocrief’ bestempeld. Enkele boeken die wel tot de Septuaginta behoren werden desondanks niet als deuterocanoniek geaccepteerd. Dit betrof de boeken 3 en 4 Makkabeeën en het Gebed van Manasse. Bovendien wordt de term apocrief binnen de katholieke traditie gebruikt voor boeken zoals Jubileeën, 2 Henoch, en de Hemelvaart van Mozes, latere boeken uit het antieke jodendom die binnen de protestants-christelijke traditie als pseudepigrafen bekend staan. |