In De Nieuwe Bijbelvertaling (NBV) is de woordenschat van het hedendaagse Nederlands gebruikt. Er komen moderne woorden en uitdrukkingen in de vertaling voor, zoals ‘argumenten’, ‘enthousiast’, ‘ongesteld zijn’. Heel modieuze formuleringen zijn vermeden, maar er komen wel enkele neologismen in de NBV voor, woorden die speciaal voor de vertaling bedacht zijn. Er zijn ook wel vreemde woorden gebruikt, zoals cohort en satraap.
Traditioneel taalgebruik is in de NBV vermeden. Maar er zijn wel oudere woorden en uitdrukkingen gebruikt, zoals ‘aanschouwen’, ‘gelaat’, ‘moge hij rusten’, ‘als een dief in de nacht’. Wat ouderwetser taalgebruik past soms wel in een tekst. Bijvoorbeeld als de tekst in het Hebreeuws of Grieks een hoog taalregister heeft, als de tekst plechtig is of ingewikkeld. Zie ook: Tekstkenmerken.