Kronistisch geschiedwerk
De aanduiding kronistisch geschiedwerk is bedacht door bijbelwetenschappers om de boeken 1 en 2 Kronieken en Ezra en Nehemia aan te duiden. Net zoals men meende dat de boeken Jozua tot en met 2 Koningen samen het deuteronomistisch geschiedwerk vormden, meende men dat 1 en 2 Kronieken, Ezra en Nehemia eveneens een doorlopend verhaal vormden. Dit werd aangeduid als het kronistisch geschiedwerk. Daar was ook een goede reden voor. De beginverzen van Ezra en de slotverzen van 2 Kronieken zijn bijna hetzelfde. Op grond van deze overeenkomst en op grond van inhoud en stijl werd verondersteld dat de boeken Ezra en Nehemia afkomstig zijn van de auteur die 1 en 2 Kronieken heeft geschreven of van een geestverwant. Mogelijk wilde deze auteur één groot geschiedwerk samenstellen, dat begon met de eerste mens (zie 1 Kronieken 1:1) en eindigde met de herbouw van de tempel (515 v.Chr.) en het herstel van de muren van de stad Jeruzalem (omstreeks 443 v.Chr.) in Ezra-Nehemia. Tegenwoordig heeft men echter meer aandacht voor de accentverschillen tussen (1 en 2) Kronieken enerzijds en Ezra en Nehemia anderzijds. De voorstelling van een doorlopend geschiedwerk als werk van één auteur (of groepje auteurs) wordt afgewezen. Het slot van Kronieken (2 Kronieken 36:22-23) is waarschijnlijk later toegevoegd om een duidelijk verband met het boek Ezra te leggen.